logo-fietssite

Van Passau naar Wenen

 

42e etappeev6-090913zi-nabij-sausenstein-routebord-info
Passau – Untermühl 61 km.

Woensdag 9 september 2009.
Zonnig, droog,  onbewolkt, tot 26ºC, zwakke ZO wind.

De ochtend begint prachtig. Vanuit de hoge vesting Oberhaus zien we de zon schijnen boven de nevel in het dal. Maar de nevel trekt snel op. We dalen en als we beneden zijn is hij nagenoeg weg. We starten met wat het bekendste en meest gereden deel is van de Donauradroute. En ook al is het 9 september (de negende van de negende in 2009), toch zijn er nog steeds veel fietsers onderweg, niet alleen dagjesfietsers, ook langeafstandsfietsers, al dan niet via een groepsreis. We rijden eerst ruim 20 km. langs de weg, voor het grootste deel op een fietspad, afgescheiden met een hek van de weg, met aan de rechterhand de Donau. Hier een behoorlijk brede rivier geworden, in een tamelijk smal dal met hoge wanden. Voor het grootste deel bedekt met bossen. Vrij snel staan er ook borden dat dit een speciaal natuurgebied is met extra aandacht voor een natuurlijke ontwikkeling, met gelden van de EU om dat te verwezelijken. (“Life natur-projekt, Hang und Schluchtwälder in oberen Donautal” http://www.donauleiten.com/). In Obernzell maakt de weg een bocht en gaat het verder over een veel kleinere weg, nog steeds dicht op de rivier. Rustig fietsen we door, genietend van zon en water, naar Jochenstein. Daar is een grote stuw en een elektriciteitscentrale met een tentoonstellingsruimte (over water ) en een fietserstrefpunt. http://www.hausamstrom.de/  Allerlei gereedschappen hangen aan een touwtje aan de wand. Vrij snel daarna staan we aan de Oostenrijkse grens. Alleen bordjes, deel overgroeid geven dat nog aan. We fietsen verder, nog steeds dicht bij de rivier naar de Donauschlinge. Een grote S bocht in de Donau. Aan de linkerkant is het dan onmogelijk  om verder te fietsen. Je moet met een veer. Er liggen drie veren achter elkaar. Wij moeten de achterste hebben. Maar zoals alles op dit deel van de route, wordt je hier als fietser geheel in de watten gelegd. De veermannen aan de kant vangen je op en wijzen waar je moet zijn. Ze zetten zelfs mijn fiets op de boot. Wij nemen het veer dat ons voorbij de slinger aan de linkerkant weer afzet bij Grafenau. Dat is overigens geen plaatsje alleen een aanlandpunt. Obermühl is dan snel bereikt. Het hotel dat we hier gemaild hadden was vol en verwees ons naar een gasthaus in Untermühl. Dat ligt 10 km verder vlak voor een grote steile rots. Hoog op de rots ligt slot Neuhaus. Gebouwd door de bisschoppen van Passau, die het Neuhaus noemden, omdat het een uitbreiding van hun bezit in Passau het Oberhaus was.  De weg loopt dood. (We moeten morgen verder met een veer). Daar staat inderdaad gasthaus Ernst. Met kamers met balkon met zicht op de Donau. We wandelen nog even naar het veer om te kijken hoe we morgen verder gaan. Het is een driepuntsveer zoals bij Kinderdijk. We zien hem aankomen en vertrekken met een aantal fietsers. Als het veer net vertrokken is zie ik dat één van de fietsers zijn rugzakje op de kant heeft laten liggen. Ik hol ernaar toe en houdt het in de lucht. Het veer keert en de jongen neemt het onder dank aan. Ondertussen is een mevrouw met twee jongens aan komen varen in een klein bootje met buitenboordmotor. De jongens leggen de boot vast met een ketting aan een ring op de kant. Er ontstaat een discussie dat het slot er nog aan moet. Maar waar is dat? De jongens kunnen het niet vinden. Doen daar ook eigenlijk niet veel moeite voor. Ze rijden weg. Maar na 10 minuten komen ze met moeder terug en wordt er nog even vluchtig gezocht. Onverrichterzake gaan we weer weg. Als we teruglopen naar het gasthaus, ziet Jan het slot liggen op een hek iets verder.  We maken het maar vast aan de ketting van de boot. Moeder en zonen zullen het zo wel vinden en zich afvragen waar dat nu vandaan komt.

 

43e etappe
Untermühl – Linz 40 km.

Donderdag 10 september 2009.
Zonnig, tot 24ºC, bewolkt, droog, in de middag in Linz enkele druppels, daarna weer droog.

In alle rust vertrokken met het driehoeksveer naar Bramsberg. Om 9.00 uur staan er al twee fietsers die de veerman hebben gebeld. Hij komt eraan, maar gaat eerst rustig de aanlegsteiger schoonmaken voordat hij vertrekt. Het is heel mooi, een beetje nevelig op het water. In Bramsberg, dat alleen een aanlegsteiger heeft, fietsen we verder. Langs de begroeide rotsen met de rivier aan onze rechterkant. Er is behoorlijk wat scheepvaart op dit stuk. Na Oberlandshaag ontvouwt de wereld zich. Een grote vlakte met veel maisvelden. De mais is afgetopt tot ong. 75 cm. hoogte. Bij ons heb ik zoiets nog nooit gezien. We buigen af naar Feldkirchen. Inderdaad  een kerkje midden in het veld. Daarna buigen we weer terug naar de Donau. Er volgt nu een lang stuk over een dijk. Geen natuurlijke begroeiing, maar een aangelegde dijk, geschoren en van nieuw asfalt voorzien. Met onder aan de dijk aangeplante bossen en een kanaal. Dat mondt uit in een dode zijarm, waarin een baan voor roeien is aangelegd. Daarachter ligt Ottensheim, een stadje met een kasteel, een historische markt en een kerk. Ottensheim ligt tegen de rotsen aan, die vanaf Ottensheim ons weer vergezellen. Helaas ligt in dit smalle dal een druk bereden autoweg en een spoorbaan. Het fietspad ligt links van de autoweg, het verst weg dus van de Donau. Het is bijna 10 km. naar Linz. In Linz hebben we een jeugdherberg besproken. Omdat het nog vroeg is lopen we rustig door het centrum. En bekijken we alvast wat hoogtepunten: de nieuwe Dom uit het begin van de 20ste eeuw met zijn mooie gebrandschilderde ramen, de grote Hauptplatz met het oude Raadhuis, waarvanuit Hitler zijn beroemde rede hield over de aansluiting bij Duitsland, door vele Linzenaren toen toegejuicht en de steen voor Marianne von Willemer bij de Pfarrkerk. Wie was Marianne von Willemer? Volgens Magris, die dat in zijn Donau boek beschrijft,  was zij de Suleika van Goethe. En heeft Goethe enkele gedichten van de serie Divan die door haar geschreven zijn onder zijn naam gepubliceerd. En dat schijnen de mooiste gedichten te zijn.

 

Rustdag
Linz

Vrijdag 11 september 2009.
Betrokken, maar droog. Tot 20 C

Wandeling gemaakt in Linz. Naar de Pöstelberg. Tentoonstelling bezocht in het slotmuseum.

 

44e etappe
Linz – Mitterkirchen 54 km.

Zaterdag 12 september 2009.
Grijze lucht, maar droog. 17ºC -20ºC, nagenoeg geen wind.

Linz uit is mooier dan Linz in. Over de Hitlerbrug, langs de Donauoever over een fietspad. Er is een marathon, of halve marathon gaande. We passeren de kopgroep. Aan de overkant ligt de industriewijk van Linz. Grote chemieconcerns blazen hun rook in de lucht. Links de bergen. We zien de bruggen van Steyregg al, een spoor- en autobrug. Daarna volgt weer een vochtig gebied, de Altau en de Ringelau, met een klein haventje, waar je omheen moet fietsen. Vlak voor Abwinden moet je kiezen of je aan de noordoever blijft fietsen, dan wel naar de zuidoever oversteekt. Grote borden geven de mogelijkheden. Er staan hier heel wat fietsers. Kennelijk roept zo’n punt op om te pauzeren.  Wij blijven noord, want we willen het concentratiekamp Mauthausen bezoeken. Een ander bord geeft informatie over de plaatsen die met dat kamp verbonden zijn.  We komen langs station St. Georgen, indertijd eindstation voor vele mensen die naar Mauthausen of één van de subkampen in de buurt gedeporteerd werden. En langs de stenen brug die over het riviertje de Gusen is gebouwd door gevangenen van Mauthausen. Er staat een gedenkteken naast. Zes granieten staken, waaraan een ketting met een ronde cirkel. Verbeeld het lijden en de gevangenschap. Voor het concentratiekamp moeten we een zijweg in. Die gaat steil omhoog (soms 14%). Maar de weg is goed geasfalteerd en de stijging is van korte duur. Snel staan we boven. De groeve – nu dichtgedekt en begroeid met gras - en het kamp. Een groot bord geeft aan dat het nu gerenoveerd wordt. Kosten voor de laatste fase van renovatie: 5 miljoen. We bezoeken het kamp. Als we na ruim twee uur weer naar de fieten lopen, staan er 22 fietsen. Er zijn dus op zo’n late septemberdag nog heel wat fietsers die omhoog komen, om te kijken. Het geeft ook aan hoeveel fietsers nu nog de Donauroute fietsen. Want hoeveel rijden er door? Het stadje Mauthausen ligt even verder. Er wordt aan de weg gewerkt. We volgen een omleiding, die ons wel in het centrum brengt, de Marktplaats aan de Donau. Met een aantal mooie gevels uit de baroktijd, in pasteltinten geschilderd. Vanwege de omleiding moeten we Mauthausen uit nog een stukje over de autoweg, voor we weer op een fietspad langs de Donau terecht komen. Grote verkiezingsborden – veel meer dan in Nederland – roepen op om te stemmen. Eén partij gaat zich sterk maken voor een derde  dokter in Mauthausen. We steken de Aist over, waarvoor we iets het land in moeten, en komen dan terecht bij een kleine, mooi aangelegde camping bij een haventje met bootjes. Hier zou je zo willen staan, zo goed ziet dat eruit. Maar we hebben de tent al teruggestuurd en vanavond zal het best koud en snel donker zijn. Dus verder naar Mitterkirchen. Een prachtige dijkweg, waar we opeens vanaf moeten. Ik rijd nog even door, maar wordt tegengehouden door een bord: geen doorgaand verkeer. Het fietspad een eindje van de dijk af, blijkt ook heel mooi. Ondanks de late tijd bloeien er nog vele bermbloemen. Na een paar kilometer kunnen we de dijk weer op. Dat houdt aan tot de stuw bij Wallsee/Mitterkirchen. Er is een fietsinformatiepunt, maar nu dicht. Wij komen vier limburgers tegen, die een toilet zoeken. Maar de toiletten zijn ook dicht. Zij fietsen via een reisorganisatie van Passau naar Wenen en overnachten in Grein, nog zo’n 18 km. verder. Maar voor ons zit het erop. In het kleine dorpje is een Gasthaus tegenover de kerk.

 

45e etappe
Mitterkirchen – Melk 68 km.

Zondag 13 september 2009.
Bewolkt met streepjes zon in de ochtend, in de middag meer zon. Droog. Temperaturen tot 21ºC. ’s avonds nog zo zacht dat je buiten kan eten.

Met hanengekraai, tractorgeluiden en klokgebeier gewekt. Na de vroegmis van 7 uur komt een aantal kerkgangers in het gasthaus koffie drinken en soep met brood eten. Ook een enkel biertje wordt al genuttigd. We fietsen door het boerenland terug naar de Donau. Mitterkirchen ligt in Machland. En dit deel van Oostenrijk heeft veel te lijden gehad van de overstromingen van de Donau in 1994 en 2002. Er worden nu plannen uitgevoerd om de rivier in dit deel meer ruimte te geven. Daartoe worden delen van dorpen ontruimd en afgebroken en om andere dorpen en stadjes worden dammen gemaakt. Wij fietsen door een deel waar dorpen ontruimd zijn: Pitzing en Eizendorf. Op de kaart staan inderdaad meer huizen dan er nu nog zijn, en we zien een boerderij die afgebroken wordt. En we begrijpen dat de wegomlegging in Mauthausen gisteren daar ook mee te maken heeft. Terug bij de Donau fietsen we in laagland tot Dornach. Daar komen de rotsen aan de linkerkant weer. En even later ook aan de rechterkant. De Donau moet hier door een nauwere sleuf verder stromen. Dat veroorzaakt bij hoog water de overstromingen in het stuk dat we net gefietst hebben. Langs het spoor, dat ook in dit smalle dal loopt, fietsen we tot Grein. Ik hoop dat het oude stadttheater open is. Volgens het boekje is het het oudste theater in Oostenrijk in zijn oorspronkelijke staat. Het dateert uit 1791. Maar helaas deze maand is het zondags gesloten. Grein heeft wel een aardig centrumpje, zo om de kerk en met de kade aan de Donau. We nemen hier het veer naar de overkant, omdat de route aan de zuidkant rustiger is dan aan deze kant. Tegen de rotsen aangeklemd ligt de weg. En deze is inderdaad veel rustiger dan de weg aan de noordkant. We fietsen langs de hoge Schwarze Wand, langs de ruïne, hoog op de rotsen van Freyenstein en pas bij Ybbs wordt het land weer laag. Ybbs is een ommuurd stadje geweest, en daar zijn nog wel wat resten van over. Maar het heeft ook een deel industrie, en daar is men hard bezig meer industrie te plannen. Twee zijrivieren komen hier in de Donau uit. Daartussen is een hoop hout gekapt en worden wegen aangelegd. Als compensatie voor het milieu wordt de monding van de Ybbs met Europees geld meer natuurlijk gemaakt. We volgen een grote lus in de Donau. Aan de overkant ligt een lage vlakte. De dorpjes liggen plat in het vlakke land. Even verderop is van enig natuurlijk landschap geen sprake meer. Het land is tot de Donau in cultuur gebracht. En waar de rivier het land bedreigt ligt er een dijk. Soms ligt het land achter de dijk zelfs lager dan het water van de Donau. En de Donau staat behoorlijk laag. Bij Pöchlarm bezoeken we het geboortehuis van Oskar Kokoschka. Een onverwacht leuk museum. Er is een tentoonstelling van Kokoschka en zijn tijdgenoten, hij heeft er nogal wat getekend en geschilderd. Een aardige dame leidt ons rond en vertelt het een en ander over de tentoonstelling. Buiten is overigens een braderie. Na nog een blik op het Nibelungen monument geworpen te hebben vervolgen we de route naar Melk. We zien algauw de abdij liggen in de late middagzon. Dwars door het stadje bereiken we de jeugdherberg. ’s Avonds ontdekt Jan dat er een accordeonmuseum is.

 

Rustdag
Melk

Maandag 14 september 2009.
Aanvankelijk regenachtig, bewolkt en spetterig, later alleen bewolkt en droog. Tot 21ºC

Dagje stift en rondwandeling in Melk.

 

46e etappe
Melk – Krems 45 km.

Dinsdag 15 september 2009.
’s Ochtends vroeg regent het, maar het wordt al snel droog. Lang bewolkt en mistig, maar in de middag zonnig. Temperatuur tot 22ºC, NO wind soms 3 – 4 BF, tegen.

We gaan eerst naar het Akkordeonmuseum. Een kleine kamer vol met accordeons uit allerlei tijden. Ook hele goedkope, die bij honderden verkocht zijn aldus de bezitter: Hannes Theuheiser. (accordeonist en acteur, acteert in de film  Revanche van Götz Spielman) Hij speelt nog een stukje op een kleine accordeon. Leuk.
We gaan op weg, eerst over de brug om over de westoever te gaan. Het dal is smal, we fietsen tussen de spoorbaan en de weg. Auto’s rijden ons tegemoet. Dit duurt tot Groisbach. Dan gaat het fietspad omhoog en fiets je tussen de kleine dorpjes en de wijngaarden door. Het lijkt wel Frankrijk hier. In Willendorf willen we kijken naar de plek waar de beroemde Venus van Willendorf gevonden is. Een vrouwenfiguurtje uit de Oude Steentijd, ong. 25.000 jaar v. Chr. gemaakt. Er is een klein museum over deze vondst. Het bordje gesloten hangt op de deur. Er rijdt een scooter langs, de man stapt af en vraagt of wij het museum willen bezoeken. Daar waren we niet van plan, maar als hij voor ons de deur open doet, dan is dat natuurlijk leuk. We stappen naar binnen. Krijgen een video over de vondst uit 1908 en de archeologische opgravingen die daarna zijn gedaan. In het zaaltje erachter staat in een vitrine een kopie van het kleine figuurtje. Langs de wand kopieën van soortgelijke beeldjes in allerlei delen in de wereld gevonden. Ik wist niet dat er zoveel opgegraven waren. Ik loop na het museumbezoek nog even naar boven. Het veld van de opgraving is verrassend klein. Op de plek van de vondst is een vergroot beeld van de Venus neergezet. Ze kijkt uit over het dal van de Donau. We fietsen door naar Spitz, een klein stadje, waar we het veer nemen naar de overkant. De Donau stroomt hier heel snel. Het veer hangt aan een kabel, en gaat eerst een stuk tegen de stroom in, om dan terug te vallen en aan te landen aan de andere oever. Eerst een stukje vrij fietspad door het smalle rivierbos langs de Donau. Dan een stuk fietspad langs de weg, voor we bij Rossatz door de wijngaarden en de vruchtbomen fietsen. De druiven, blauwe en groene, hangen in trossen aan de ranken. De appelbomen zijn gedeeltelijk leeggeplukt, gedeeltelijk hangen ze nog vol met groene, en knalrode vruchten. Nadat we de lus van de Donau voorbij zijn, komt de Hohe Wand, een loodrechte rots. Hier loopt het fietspad weer direct langs de (drukke) weg. Mijn fiets gaat nu haperen. Als ik de pedalen stil houdt, dan maakt hij een raar geluid. En even later blijft de ketting hangen. Heel vervelend. Bij Stein gaan we de brug over. Vlak bij Stein ligt Krems, waar we zullen overnachten. Hier zoeken we een fietsenzaak op. De eerste kan het niet herstellen, snapt trouwens niet dat ik er zoveel kilometers mee gefietst heb (“dat is onmogelijk”), maar de tweede wil wel een poging doen. Hij gaat er weer een 9-bladen-cassette opzetten.
In de avond maken we een wandelingetje door Krems. Een aardig stadje.

 

47e etappe
Krems – Langenzersdorf 80 km.

Woensdag 16 september 2009.
Aanvankelijk nevelig, later zonnig, droog, ZO matige wind, 3 – 4 BF.

Eerst naar de fietsenmaker. De fiets is klaar, weer een nieuw wiel en nieuwe bladen. Maar hij loopt goed, en alle versnellingen zijn weer te gebruiken. We gaan Krems uit, langs een zijriviertje van de Donau, de Krems. De weg zou volgens de kaart later grind worden, maar alles is geasfalteerd. Via dit zijriviertje komen we aan de Donau. Het is nevelig en de kleuren lijken allemaal op elkaar. De kleur van het water, dat heel rustig is, gaat over in de kleur van de lucht. De kleur van de bomen en de bossages langs de Donau is maar een beetje donkerder. Door de nevel zijn alle spinnewebben in de bermen langs de weg bedauwd. Prachtig. Dat is kilometers lang het geval. Bij de stuw bij Altenwörth gaan we eerst naar het dorp om brood te kopen. Maar in het dorpje is geen enkele winkel. Wel zien we daar een bord over aanpassingen om het hoogwater het hoofd te bieden. Een dam is gebouwd. Weer terug naar de stuw, en nu eroverheen. Aan de zuidoever verder. Er is een paar kilometer verder een voormalige kerncentrale, die overigens nooit in bedrijf geweest is. Bij die centrale is een “radlertref”. Het is druk met fietsers. We drinken koffie en eten een broodje.  Zwentendorf is dan niet ver meer, en daar zijn winkels om inkopen te doen. Na het zijriviertje de Persching een stukje het land in. Eerst over een fietspad langs de drukke weg. Over een paar kleine dorpjes terug naar de Donau. We komen in Tulln. Er is hier een omleiding, die ons langs de kerk St. Stephan brengt. Even binnen gekeken om te zien of ik de grafsteen van Maria Sonia kan vinden, die beschreven wordt in het boek van Magris. En hij hangt er inderdaad. Een macabere steen, met de dood als geraamte met een pijlenkoker op zijn rug en een pijl in zijn hand, die wijst naar de plek waaronder Maria Sonia gelegen heeft. De twee engeltjes onder aan de steen kunnen het macabere niet wegnemen. We kunnen niet de brug over, zoals we van plan waren, omdat de brug afgesloten is. Dus gaan we over de zuidoever verder. Maar dat is een mooi en rustig fietspad langs de Donau. We gaan tot de stuw bij Greifenstein. Daar kunnen we naar de noordoever. De oever aan de noordkant is een echte dijk. Volgens het boekje zou ons hotel in Langenzersdorf langs de fietsroute liggen. Maar dat is niet zo. De Wienerstrasse is de oude weg naar Wenen, en ligt een eindje het binnenland in.

 

Van Wenen naar Boedapest

 

48e etappe
Langenzersdorf – Hainburg 66 km.

Donderdag 17 september 2009.
Bewolkt met spetters regen. Matige wind NO 3 BF.

Het wordt nu echt herfst. Op de binnenplaats van ons gasthaus regent het kastanjes. Zeker door de regen komen er veel naar beneden. Door het dorp bereiken we weer de Donau. We zitten nu in de het gebied van Wenen. De Donau loopt niet dwars door het centrum van Wenen, maar er langs. We hebben gepland om op de terugweg Wenen te bezoeken, en er nu langs te fietsen naar Hainburg. Maar waar de kaart aangeeft dat we een stuw over moeten naar het Donau eiland, - een langgerekt eiland tussen de twee oevers van de Donau, met aan weerszijden Wenen -  staan helemaal geen bordjes, en de stuw is halverwege afgesloten. Men is daar aan het werk. We gaan dan maar verderop het eiland op. Het is een beetje onduidelijk waar we er weer af moeten. Omdat de kaart in het ene boekje halverwege ophoudt en in het volgende boekje in een andere schaal halverwege begint, raken we de tel van de bruggen kwijt. Als we teruggaan over de brug bij de metro naar de noordoever, komen we bordjes tegen. Maar dan stuiten we alweer op een afsluiting. Er wordt daar een nieuwe brug gebouwd, en we worden teruggestuurd via een omleiding naar het Donau eiland. Daar komen we een fietser van de andere kant tegen. Duidelijk een local. Hij vertelt dat we alsmaar rechtuit moeten rijden, dan komen we vanzelf in Hainburg (het einddoel voor vandaag). Dat doen we dan ook, en een het eind verder worden we via nieuwe bordjes de noordoever weer opgeleid. Na een stuk fietsen komen we aan een soort pernisachtig landschap. En als we dat door zijn, dan begint het mooie stuk van de natuurparken, eerst Lobau en daarna Donau Auen. Een natuurlijk rivierbossen deel. Met veel wilgen, water, vogels en riet. De herfst laat al gele bladeren zien, maar we zien ook veel een soort paarse krokussen. Gekke combinatie. We fietsen kilometers lang over een dijk, hier damm genoemd. Dwars door de parken heen. Het is wel een lang recht stuk, maar de natuur vergoed veel. En dan te bedenken dat hier een grote stuw was gepland. Alleen aan de protesten van burgers, met zelfs een bezetting van het gebied, is het te danken dat het niet doorgegaan is. Aan het eind gaan we met een lange brug eerst over de Auen heen en dan over het water van de Donau. De overgang is groot, van de stilte van het natuurpark naar de drukte van een autoweg. Langs de zuidoever bereiken we dan snel Hainburg. Een oud ommuurd stadje, met nog heel wat muurresten en torens. Buiten het oude centrum vinden we onderdak boven een pizzaria. De donauradweg loopt hier vlak voor. Die kunnen we morgen zo weer oppakken.We maken nog een wandeling door Hainburg. Het valt een beetje tegen. De Donauoever is mooi, en de muurresten met de torens zijn ook bijzonder. Maar binnen de ommuring is het rommelig en armoedig.  En er moet nog veel opgeknapt worden. Hainburg blijkt ook nog iets met Haydn te hebben. De grote componist heeft hier twee jaar gewoond, van zijn 6e tot zijn 8e. Hainburg eert dat met een borstbeeld, een fontein en een aktief Haydn gezelschap