logo-fietssite

88e etapperoutebord noordzeeroute intro link naar fotoalbum
Canterbury – Dover – Calais 56 km.

Vrijdag 18 juni 2004
Weer mooi weer, wel iets kouder, ± 20°C. weinig wind, een enkele drup.

(Het eerste deel van deze etappe staat op de pagina Engeland).
In Calais wordt nog minder met fietsers rekening gehouden, dan in Dover. We fietsen voor de bussen de boot af. Het is half vijf. (1,5 uur varen, 1 uur tijdsverschil en 0.5 uur te laat vertrokken). Het is koud en winderig in Calais. We zoeken een hotelletje. We vergissen ons waar het centrum van Calais moet liggen. Dat ligt namelijk dicht tegen de kust aan, maar zuidelijk van de terminal van de veerboten. Wij fietsen direct van de kust af. Aan een aardige winkelstraat zit een Ibis hotel. De fietsen mogen in de kelder staan.
We lopen terug naar de kade, langs het stadhuis – dat lijkt op het Vredespaleis in Den Haag – met een beeldengroep gemaakt door Rodin. Het beeldt een groep Calaisenaren uit die zich aanboden bij een beleg aan het eind van de 14e eeuw.
Calais is in de tweede wereldoorlog ernstig verwoest. Het nieuwe centrum is een goed voorbeeld van naoorlogse bouw. En daar wordt men niet echt vrolijk van.
Aan de kade zit een aantal restaurants. Je hebt een prachtig zicht op de Noordzee en alle veerboten en hovercrafts die het Kanaal oversteken.

 

89e etappe
Calais – Wimereux – Licques 76 km.

Zaterdag 19 juni 2004
Fris,zonnig….

Om half negen weg uit het Ibis hotel. Stralende ochtend, fris maar heel helder weer. En dat zou de hele dag zo blijven. Droog, helder en fris. We nemen de D940 naar Boulogne sur Mer. Het is zaterdag en het is nog vroeg. Dus druk met auto´s is het nog niet. We zien duidelijk de krijtrotsenkust van Engeland. En ook alle veren die heen en weer varen. Op zo´n heldere dag is Engeland heel dicht bij.
Bij Sangatte zie je het toegangsgebouw voor de kanaaltunnel. Van het asielzoekerscentrum, dat onlangs zo in het nieuws geweest is, omdat vluchtelingen op allerlei manieren probeerden naar Engeland te vluchten, en dat toen is verwijderd,  is hier niets meer te vinden. We klimmen met de fietsen helemaal omhoog op Cap Blanc Nez (134 m). Schitterend uitzicht. Veel caravans en campers zijn ook omhoog gereden. We komen door kleine plaatsjes als Audresselles en Ambleteuse. Bij Wimereux steken we door naar de Noordzeeroute. Die hier ook echt zo heet, “route Mer du Nord”. Dat dit stuk niet tot de North Sea Cycle Route behoort zal wel te maken hebben met het ontbreken van een route tussen Colchester en Gravesand en van een veer van Dover naar Boulogne sur Mer. In Wimille pakken we de route op. De bordjes staan daar ook. Het is heuvelachtig met een grote bult bij Colembert. Voor het kasteel van de baron “Klein Versailles van Pas de Calais” begint de klim tot zo´n 200 meter hoogte. Maar dan is er ook een mooi uitzicht over de Boulonnais. Alembon is in de afdaling snel bereikt. Er is daar een feest. Vele auto´s staan geparkeerd rond de mairie. Hetzelfde is in Licques, waar het restant van de abdij hoog boven het dorp uittorent – vele mensen zijn verzameld in de plaatselijke school. Camping Le Canchy ligt 1,5 km buiten het dorp. De campingbaas serveert een eenvoudige, maar heerlijke avondmaaltijd.

 

90e etappe
Licques – Esquelbecq 63 km.

Zondag 20 juni 2004
Koel droog weer, zonnig, veel westenwind, maar achter dus. 18-24°C.

Om 8.20 uur vertrokken uit Licques. Prachtige dag door dit heuvelachtige Frans Vlaanderen. Je komt her en der Nederlandse namen en teksten tegen. We fietsen langs de rivier de Hem, tussen twee heuvelruggen in. We waren nog van plan de ruine van het kapelletje Saint Louis te gaan bekijken, omdat je daar een mooi uitzicht hebt tot Cap Blanc Nez toe. Maar we begrepen de routeborden verkeerd. Er loopt namelijk ook een fietsroute Chapel St. Louis. Dus door naar Tournehem, door de poort, het enige overblijfsel van het kasteel van de bastaard van Philips de Goede, Antoine. Zijn lijfspreuk vind ik wel leuk “Nul ne s´y frotte”, ofwel “Niemand stoort zich eraan”. Op de vijfsprong met het huis met de drie linden gaan we verkeerd. De route is in de beschreven richting (Noord-Zuid) goed bewegwijzerd, maar in de omgekeerde richting, die wij fietsen maar matig. Het routeboekje geeft niet de straatnummers, in Frankrijk altijd een handig hulpmiddel om te kijken waar je zit, maar we hebben nog een Franse kaart bij ons, dus de goede richting is snel gevonden.
Daarna een forse klim naar boerderij Notre Dame en het “Foret d´Eperlecques”. Er wordt op deze wegen veel gefietst door wielrenners, vaak alleen of met zijn tweeën, soms in groepen. Ze groeten altijd!
De weg door het bos is niet verhard. We zakken weer wat en komen dan langs het Blockhaus. Een reusachtige bunker uit de tweede wereldoorlog. Hitler heeft hem laten bouwen om van daaruit V-II´s af te vuren op Engeland. Maar de Engelse geheime dienst had op tijd in de gaten dat daar iets gebeurde en heeft de plek gebombardeerd. De bunker was echter zodanig geconstrueerd dat hij het bombardement grotendeels doorstaan heeft. We kunnen het terrein en de bunker bezichtigen. En dat doen we ook. Het is net een beeld uit een film als je door het bospaadje de hoek omgaat en oog in oog staat met dat reusachtige stuk beton.
In Watten is nog een kleine supermarché open en kunnen we onze proviand aanvullen. En dat is hard nodig. Daarna gaat het weer omhoog naar Wattenberg met molen en abdij. Deze laatste is gesloten, want wordt gerestaureerd. Bij de molen komen we een Nederlandse binnenschipper tegen, die met zijn boot lijnolie wacht om dinsdag in St. Omer gelost te worden. Hij vindt Watten een geschiktere plaats om een dag vast te liggen en loopt nu een ommetje met zijn hond.
We passeren de kapel van Matheus Caenens, met Nederlandse tekst: “Toevlucht der zondaeren, bidt voor ons. Tot gedachtnisse van den Heere Matheus Caenens ende Joh Marie Bernarde Sterckeman zyn tweede huisvrauwe.”  Niemand hier spreekt nog Nederlands – tenminste wij zijn niemand tegengekomen . Toch jammer. Tussen Merckeghem en Bollezeele over de heuvelrij de Ravensberg. Door het heldere weer kunnen we tot aan de kust kijken.
Daarna volgen we de IJzer. Hier een smal beekje. In niets kan je zien dat dit smalle water zulke emoties kan oproepen (flaminganten).
Hoewel het nog vroeg is (half vier) besluiten we toch in Esquelbecq de camping op te zoeken. Omdat de volgende camping ruim 40 km. verder ligt.  En het is nog steeds aardig campingweer. Het is een camping bij een boerderij met ook chambres d´hotes en gites. Na het opzetten van de tent bekijken we nog even Ekelsbeke, zoals het in het Vlaams heet. De kerk is open, een grote hallenkerk, die in 1978 een grote brand heeft gehad en nu zijn toen verbrande beelden tentoonstelt. Verder is alles keurig hersteld. Dat geldt niet voor het kasteel, dat niet toegankelijk is. Ook de tuin niet. Een muur van die tuin aan de straat is gedeeltelijk ingestort en afgezet met hekken.

 

91e etappe
Esquelbecq – Nieuwpoort 74 km.

Maandag 21 juni 2004
Zonnig, koel,

Na het ontbijt, verzorgt door de eigenaar van de camping, om half negen op de fiets. Het is fris, maar wel zonnig. Onderweg komt echter een donkere lucht sterk opzetten. We zien dat het aan de kust giet van de regen. En die regen haalt ons op een gegeven moment in. Harde bui. Maar het wordt ook weer snel droog.
De route gaat langs de rivier de IJzer. Hier nog een klein stroompje, ook tamelijk smal. Wormhout is de eerste plaats. We pauseren even bij de kerk en gaan even kijken naar het retabel met de huilende Maria. Ze huilt niet.
Op het traject naar Oost Cappel breekt de bui los. Maar in Oost Cappel, grens met België, is het weer over. We bekijken de grenspost, met beeld van de douanier. Het is er nu verlaten.
Het terrein is inmiddels aardig vlak geworden en dat blijft ook zo.